DWB logo

 

Boeddhisme

 

Wat is het boeddhisme?

Buddha Statue

De historische Boeddha werd ongeveer 2500 jaar geleden geboren in het noorden van Indië. Na een lange periode van onderzoek en diepe meditatie, ontdekte hij de ware aard van de geest en bereikte hij de volledige verlichting. Vervolgens onderwees hij 45 jaar lang ononderbroken aan de volksstammen van Noord-Indië, waar een geavanceerde cultuur heerste. Zijn ideeën spraken onafhankelijke mensen aan die op een verantwoordelijke manier met hun geest willen werken.

Boeddha gaf een direkte en praktische uitleg over de uiteindelijke waarheid (absoluut) en dat wat geconditioneerd is (relatief). Dit begrip en redelijk gedrag, verschaft een leven met blijvend geluk. Het boeddhisme kent geen dogma’s en nodigt uit om alles in vraag te stellen. Door adequate meditatie wordt de opgedane kennis een innerlijke beleving. Het doel van Boeddha’s leer is de volledige ontwikkeling van de inherente kwaliteiten van lichaam, spraak en geest – liefde en medegevoel, mildheid, vreugde en onbevreesdheid. Iedereen heeft de boeddhanatuur en kan de verlichting bereiken. “De eigenlijke aard van onze geest is als een onbegrensde en onvergankelijke ruimte. Als we werken met de geest, en deze ervaring benutten, wekken we zijn natuurlijke eigenschappen: we zijn vrij van angst en verkrijgen een overschot aan energie om anderen te helpen.” (Lama Ole Nydahl)

Terug naar boven

 

Wie was Boeddha?

Buddha Shakyamuni

Siddharta Gautama, de vorige Boeddha, werd ongeveer 560 jaar voor onze jaartelling geboren in het noorden van Indië en stierf op 80-jarige leeftijd. Hij behoorde tot het edele Sakya-geslacht (vandaar de naam Sakyamuni) en had een onbezorgde jeugd vol rijkdom. Hij huwde op 16-jarige leeftijd en werd vader van een zoon. Op zijn 29ste verliet hij het familiale paleis en kwam voor het eerst in contact met een oude man, een zieke en een dode. Hij begreep toen dat ouderdom, ziekte en dood deel uitmaken van het leven. De deugden van zijn leven die tot dan zo vanzelfsprekend waren verloren hun aantrekkingskracht en hij besloot enkel nog op zoek te gaan naar de oorzaak van duurzaam en oneindig geluk. Na 6 jaar vruchteloos op zoek te zijn geweest – hetzij extreme ascese, hetzij debatterend met de meest gerenommeerde filosofen van die tijd – ging hij in, wat we nu kennen als Bodh-Gaya, onder een ficus zitten. Hij zwoer niet op te staan tot hij zijn doel had bereikt. Diep in meditatie verzonken ontdekte hij eindelijk de ware aard van de geest en werd hij de Boeddha, een “volledig ontwaakt” wezen. Vanaf dat moment onderwees hij gedurende 45 jaar, richtte een orde op voor monniken en monialen, en hij verzamelde rond zich talrijke leerlingen en leken. Hij stierf op zijn tachtigste en vlak voor zijn dood beval hij zijn leerlingen hun meester niet blindelings te volgen, maar te vertrouwen op hun eigen ervaringen.

Terug naar boven

 

De basis van Boeddha’s leer

De dharma, Boeddha’s leer, betekent letterlijk “zoals de dingen zijn”. Boeddha legde uit hoe de wereld werkte, en wat uiteindelijk absoluut is en wat relatief. Dit begrip leidt ons naar een leven met stabiel en duurzaam geluk.

De vier edele waarheden vormen de kern van zijn onderricht.

1. Zolang de geest zijn ware aard niet heeft herkend, maakt vreugde weliswaar deel uit van het leven, maar het lijden evenzeer. In ieder geval zijn ouderdom, ziekte en dood onvermijdelijk en worden ze ervaren als onaangenaam.
2. Er zijn zeer precieze oorzaken die ervoor zorgen dat de geest zijn ware aard niet herkend en aldus lijdt.
3. Iedereen kan de ware aard van zijn geest ontdekken en de verlichting bereiken.
4. Er bestaan methoden en een weg om er te geraken.

Voor het vergaren van kennis en een juiste zienswijze, is meditatie het praktische middel om een duurzaam geluk te bereiken – meditatie zet begrip om in beleving. Redelijk gedrag is een bevrijdende manier om de dingen volledig te zien, een weg van verantwoordelijkheid (zie Karma – de wet van oorzaak en gevolg). Het boeddhisme heeft zich sinds de historische Boeddha ontpopt tot een tolerante wereldreligie zonder pretentie dankzij een ononderbroken transmissie. Boeddha’s leer kent geen dogma’s. Niets moet zomaar aangenomen worden. Het doel is volledige ontplooiing.

Terug naar boven

 

Wat is Karma?

Eigen verantwoordelijkheid – oorzaak en gevolg.

Karma is een centraal idee in het boeddhisme. Het betekent geen lotsbestemming, maar gebeurtenissen die ontstaan door oorzaken en gevolgen: iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen leven. Elke daad brengt een reactie teweeg dat een gevolg is van de desbetreffende actie. We zaaien nu de zaden van onze toekomst, dus we creëren ons geluk, of ons leed. Dit begrip laat ons dankzij de beschikkingen van de geest en bewuste daden toe, in onze geest indrukken te verzamelen die leiden tot geluk en lijden kunnen vermijden. Boeddha deed niet meer dan ons hierover goede raad geven. Dit betekent nochtans geen onverschilligheid tegenover het lijden van anderen, daar het boeddhisme vertrekt vanuit het standpunt dat alle wezens zo handelen om gelukkig te worden. De oorzaak van nefaste acties, zoals misdaden, seksueel misbruik of zwendel, is niet het “kwaad” in ons, maar de onwetendheid van degenen die deze daden plegen en zich niet bewust zijn van de wet van oorzaak en gevolg.

Degene die lijdt oogst dus de zaden van diens eigen daden uit het verleden. Het is elke keer het resultaat van onwetendheid en verwarring, en er is geen terugkeer mogelijk. Het is omwille daarvan dat een boeddhist mensen die lijden daar waar mogelijk dient te helpen, vanuit een diep medegevoel, een sterke overtuiging en zonder vooroordelen. In de Diamantweg kan karma dat nog niet tot uiting is gekomen in concrete gebeurtenissen veranderd worden: positief karma kan versterkt worden, negatief karma verminderd.

Terug naar boven

 

De Karma Kagyu linie – een duizendjarige geschiedenis

Onze centra sluiten aan bij de traditie van de Karma Kagyu linie, één van de vier grote boeddhistische scholen van Tibet. Ze onderwijst de Diamantweg (Vajrayana). Als linie met een directe orale transmissie, legt ze een speciale nadruk op het beoefenen van meditatie en op de directe transmissie van de ervaring van de aard van de geest door de leraar op de leerling. Het onderricht van de Karma Kagyu linie gaat helemaal terug tot aan de historische Boeddha en waren eerst overgebracht in Indië en bereikten later via verlichte meditatiemeesters Tibet. Duizend jaar geleden zetten notoire Mahasiddhas (verwerkelijkte meesters) zoals Naropa en Maitripa en bekende yogi’s zoals Marpa en Milarepa deze school om in een bijzondere beweging met leken, terwijl weinig later Gampopa zijn kloosterorde oprichtte. Sinds de twaalfde eeuw wordt de Karma Kagyu linie geleid door een ononderbroken reeks van reïncarnaties van de Gyalwa Karmapa, vandaag door de 17de Karmapa, Trinley Thaye Dorje.

Boeddhistische meesters zoals Künzig Shamarpa, Lopön Tsechu Rinpoche en Khenpo Chödrak blijven de oosterse lessen overbrengen. Ze steunen het werk van de nieuwe centra rondom de wereld. Onze belangrijkste westerse leraar is lama Ole Nydahl. Hij heeft tijdens de laatste 30 jaar wereldwijd ongeveer 300 centra opgestart, een taak die hem werd toevertrouwd door de 16de Karmapa. In deze centra geven lama’s, zijn studenten en hijzelf regelmatig lezingen. Voor de westerse wereld is het vooral interessant dat de Karma Kagyu-school een weg toont die heel dicht bij het dagelijkse leven van leken staat. Deze weg beoogt de ontwikkeling van helderheid en onafhankelijkheid binnen de huidige wereld. De Gyalwa Karmapa is erkend als de eerste bewust gereïncarneerde Tibetaanse lama met als doel het helpen ontdekken en ontplooien van ieders eigen innerlijke rijkdom voor het welzijn van alle wezens.

Terug naar boven

 

De Gyalwa Karmapas

De Gyalwa Karmapa is erkend als de eerste Tibetaanse lama die zich bewust heeft gereïncarneerd. Hij was bekend als “de grootste van alle yogi’s van Tibet”. Zijn komst werd in meerdere sutra’s en tantra’s aangekondigd. De 16de Karmapa Rigpe Dorje die Tibet in 1959 moest ontvluchten omwille van de Chinese bezetting op zijn land, verzekerde het verdere bestaan van de Karma Kagyu-linie. Met de hulp van zijn westerse leerlingen, bracht hij de wetenschap van de ware aard van de geest over op de moderne wereld.

De huidige 17de Karmapa Thaye Dorje kon op zijn elfde op zijn beurt het bezette Tibet verlaten om in Indië zijn vrijheid te bemachtigen. Hij is onze spirituele leider. Er is nog een tweede kandidaat voor deze titel die door onze centra niet wordt erkend.

Terug naar boven

 

De betekenis van de Karmapa's.

De Gyalwa Karmapa’s – die de Tibetaanse titel “heiligheid” droegen net zoals enkele eeuwen later de Dalaï Lama’s – werden in meerdere sutra’s en tantra’s geprofeteerd en gevierd. Boeddha Sakyamuni voorspelde het in de ‘Samadhiraja-Sutra’: “Het boeddhisme zal in het land van de roodgezichten verschijnen en ze worden leerlingen van Avalokitesvara. Tijdens het teloorgaan van zijn leer, zal een boddhisatva genaamd Simha zijn opwachting maken, die vanaf dan bekend zal staan als Gyalwa Karmapa. Hij zal een meditatiemeester zijn die zijn autoriteit zal doen gelden op de levende wezens. Degenen die hem op één of andere manier zullen zien, horen, aanraken of aan hem denken, zullen overspoeld worden door vreugde.”

In de ‘Sutra van het gunstige tijdperk’, wordt gezegd dat, in toekomstige tijden in deze wereld een meester zal komen die buitengewone eigenschappen zal bezitten en een grote hulp zal zijn aan alle levende wezens. Deze meester zal Karmapa heten. Reeds in zeer oude tijden manifesteerden de Gyalwa Karmapa’s zich als boeddha’s in verschillende vormen. Eén van hen heette Shen Phen Nang Dröl, wat ‘bevrijde manifestatie ten dienste van de wezens’ betekent. Hij verschijnt opnieuw in ons tijdperk opdat de verdienste van alle levende wezens kan groeien en om hen op elke mogelijke manier van dienst te kunnen zijn. Later zal de toekomstige Boeddha Maitreya, die zich zal manifesteren als de ‘Boeddha van de leeuwen’, als 6de Boeddha van deze periode, de twaalf daden om anderen te helpen verwezenlijken.

Ook de meester Padmasambhava heeft in zijn ‘verborgen schatten’ de uiteindelijke komst van de Karmapa’s voorzien, alsook dat hun daden zich zouden ontplooien om alle wezens van nut te zijn. Ver voor zijn manifestatie als Gyalwa Karmapa, reïncarneerde hij onder de vorm van grote Tibetaanse en hindoe-meesters. In de tijd van Boeddha, hield hij zich afzijdig als zijn leerling Chenrezig (Boeddha Liefdevolle Ogen). In Indië verscheen hij als de verwerkelijkte meester Saraha, alsook als Prajnalankara, een leerling van Naggarjuna, en als Dharmabodhi. In Tibet verscheen hij als Gyalwa Chokyang, een minister en leerling van Padmasambhava en ook als de machtige geleerde Potowa Rinchen Sal. Na de dood van de laatste reïncarneerde hij als de 1ste Gyalwa Karmapa Düsum Khyenpa. Dit alles werd in de 15de eeuw gerapporteerd in, onder andere, de “blauwe annalen” van de vertaler Gö Lotsawa Shönnupal. Zo een buitengewone meester, die aan ons eigenlijk verschijnt als een boddhisatva van het 10de niveau, maar in wezen een boeddha is, is moeilijk te herkennen. Dit kan enkel door hemzelf bepaald worden. Omwille daarvan, laat hij een brief achter waarin de exacte details staan waar zijn reïncarnatie te vinden zal zijn. Bovendien zijn in elk nieuw leven zijn eerste woorden: “Ik ben Karmapa”. In het algemeen wordt dit geverifieerd door de Shamarpa, maar Gyalwa Karmapa onthult eerst zelf al zijn identiteit.

In elke nieuwe reïncarnatie manifesteren zich de geschikte hoge kwaliteiten om het grootste aantal van zijn leerlingen te helpen. Of hij nu handelt als machtige meditatiemeester, grote geleerde of inspirerende kunstenaar, hij toont aan alle mensen die zich voor hem openen de oneindige mogelijkheden van de geest en begeleidt ze tot aan de bevrijding en verlichting.

Terug naar boven

 

 

EN    NL    FR   

 

Nieuws en Publieke Lezingen

Centrum Leuven

<i>Click for Lecture Details</i> klik op de afbeelding
voor een poster in pdf.